‘De dapperste bokser ooit’

‘Little Chocolate’,  als  bijnaam. Je zal  daar als zwarte bokser, vóór aanvang van een partij, maar mee aangekondigd worden. Daar was je mooi klaar mee. Hoe George Dixon zich daarbij voelde laat zich raaien. De man had centimeters eelt op z’n ziel, wat niet anders kan.  Meer dan honderdveertig keer onderging hij zo’n vernedering, want zoveel gevechten stond op George’s palmares. Little Chocolate Dixon,  vedergewicht afkomstig uit Halifax, Nova Scotia, en eind negentiende eeuw actief als vuistvechter. Trouwens, Little Chocolate, lustte van zijn tegenstanders ook wel  chocola.
De man, lang, dunne benen, ijzeren conditie en snel ‘van hand’, versloeg op negentienjarige leeftijd, notabene in het roomwitte Engeland, Nunc Wallace in een gevecht over achttien ronden. George schreef geschiedenis. Met deze overwinning werd hij de eerste zwarte wereldkampioen in het bantamgewicht.  Dixon,  zes jaar achtereen wereldkampioen, verloor op elf november 1897 zijn titel aan ene Solly Smith. Een jaar later pakte George zijn titel terug, ten koste van Dave Sullivan.
George Dixon, wegbereider van een onafzienbare stoet zwarte Amerikaanse bokskampioenen, trok in 1906 definitief zijn bokshandschoenen uit. De man kon terug kijken op drieënzestig gewonnen partijen, verloor er negenentwintig en achtenveertig waren onbeslist.
Of George rijk werd van zijn sport? Nee, natuurlijk niet. Daar zorgde onder meer louche managers wel voor. Voor George was dat Tom O’ Rourke. Twee jaar na zijn afscheid van de ring, en op een ijskoude januaridag in het New York van 1908,  stierf George Dixon, 38 jaar, én compleet berooid.
De kleine champ werd begraven op Mount Hope Cemetery in Boston. Zijn manager Tom O ‘Rourke zorgde voor Georges  grafsteen, waarop hij de tekst liet uitbeitelen, dat hier ‘George Dixon rust, de dapperste bokser die ooit geleefd had.’

Ter herinnering aan George ‘Little Chocolate’ Dixon, waarvan komende zondag 6 januari, zijn sterfdag is.

Met dank aan de wonderlijke database van John Brouwer Koning.

Bron: Black Past, African American History, Find a Grave.

De mythische status van ome Karel

Copy of omekarelOme Karel, al decennia aan gene zijde. Was in een grijs verleden ooit profbokser. Wiens avonturen bij zijn nazaten nog steeds levend zijn. Van die familieoverleveringen. Generatie op generatie doorverteld. Verhalen inmiddels van een mythische status. Of  Stuyfssportverhalen ook  bekend was met ome Karel? Dát was de vraag van achterneef Henry Steneker. Helaas. Nooit van gehoord. Voor de zekerheid toch maar even in het archief gekeken. En verdomd! Ome Karel blijkt niemand minder te zijn dan de illustere Karel de Jager. Tijdens  de jaren twintig één van de beste boksers van het land. In de jaargangen van Revue der Sporten, de Geïllustreerde Sportspiegel en andere sportbladen uitgegeven in het interbellum, struikel je over zijn naam én foto’s. De Jager was dan ook niet de minste. Een gevreesd pugilist. Zo één die veel klappen ‘nam’. Om ze zelf ook uit te delen. De man stond meer dan driehonderdachtentachtig ronden in de ring. Wat staat voor twintig gewonnen partijen. Karel verloor er bijna evenveel. Zoals gezegd, ome Karel incasseerde veel.
Karel de Jager. Zijn overleveringen zingen al drie generaties rond in de familie Steneker. En voor wie dat niet geloven wil: er is ook dat ene tastbare, stoffelijke  bewijs.  Een ingelijste tekening met ome Karel in vechthouding.  Al meer dan negentig jaar in de familie. Een erfstuk. Geërfd door Cora Steneker, moeder van Henry én Karels nichtje.
Cora, 92 jaar, levende schakel tussen de eenentwintigste eeuw en onvervalste sportgeschiedenis, is nog één van de weinigen die Karel tijdens diens glorieperiode hadden gekend. Ome Karel, broer van haar moeder, was Cora’s voogd. Ze herinnert zich hem als een levenslustige man. Zo één die de verjaardagen op gang bracht. Hilarisch is die ene anekdote. Met ome Karel als hoofdpersoon in zijn eigen boksschool. Waarin verhaald wordt hoe Karel tijdens het sparren zogenaamd deed of hij iets gebroken had. Tot het echt gebeurde. Zijn trainingspartner geloofde het niet en ramde lustig door. Na ome Karels hemelgang erfde zijn nichtje het portret. Inmiddels heeft haar zoon, Henry, de tekening in bezit. Copy of kareldejager
Een erfstuk, maar ook zeldzame sportmemorablia, van  een leuke oom. Een bokspionier die niet alleen zijn sporen in de sportgeschiedenis na had gelaten maar ook talloze kostelijke familieanekdotes. Dat de herinneringen aan ome Karel gaan verstoffen is hoogst twijfelachtig. Met de kleinzoons van Cora Steneker is de toekomst daar van  verzekerd. In de Grote Bokshemel knikt ome Karel ongetwijfeld goedkeurend.

Foto 1: Henry Steneker en zijn moeder Cora Steneker. Foto 2: Het gevecht Karel de Jager versus Piet Hobin in het Antwerpen van 1922. 

 

error: Content is protected !!
%d bloggers liken dit: