‘Plof’

‘De beroemdste renners rijden op Continental-Pneumatic’, aldus een reclamekaart uit 1909 en uitgegeven in grote oplages. De reclameman van de Continental-bandenfabriek zat nergens mee. Zonder enige kennis kletste de man er maar wat op los. De tubes van  de gelijknamige bandenfabriek, – trouwens van al die andere toenmalige fabrikanten –  deugde niet. Deze waren levensgevaarlijk. Die  banden  vertoonde namelijk een grove fabricagefout.
Op de Continental-Pneumatics, waren de stayers tijdens  de belle epoque hun leven  niet zeker. Met de komst van de zware gangmaakmotor, zo rond 1900 tot 1914 verongelukte tweeënveertig stayers, waarvan meer dan de helft door een ontploffende voorband. Ook de stiel van gangmaker was bloedlink. Gangmakers als een Jozef Schwarzer, Charles Peque, Hendrik Haeck en Gussie Lawson verongelukte tijdens een stayerskoers. Oorzaak? Een klapband.
Vooral het ongeluk van Gussie Lawson, tijdens de Grote Prijs van Keulen, gehouden op 7 september  1913, mocht er zijn. De voorband van  Gussie, met negentig per uur, krijgt een klapband. De zware  Durkoppmotor slaat om, en  verpletterd daarbij, de aanstormende stayer Richard Scheuermann. Richard en Gussie vertrokken gezamelijk naar de Grote Stayershemel.
De Amsterdamse stayer Piet Dickentman zette dat aan het denken. Dickentman deed een onderzoek en concludeerde dat die tubes  waren voorzien van een verticale canvaslaag. Ook de samenstelling van het rubber was niet goed. De banden versleten te snel.
Zo rond 1910 kwam Dickentman er achter dat de tubes voorzien moesten zijn van zogenaamd diagonaalcanvas, wat spontane ontploffingen minimaliseerde. De banden van  de gangmaakmotoren waren ook niet helemaal koosjer.  Tijdens de koers moesten de stayers regelmatig van motor wisselen. Door de bochten waren de banden aan één kant versleten.
Dan kwam de tweede motor naast de renner rijden die dan vervolgens, in volle snelheid overwipte naar de verse motor. Vervolgens werden de banden van de eerste motor op het middenterrein omgedraaid…!
Of de jongens op de reclamefolder, onder contract staande bij de Continentalfabriek, de Pneumatics hadden overleeft? Stayers als een Bobby Walthour, Henry Contenet, Fritz Ryser, Thuur Vandenstuyft, Bruno Demke en Piet Dickentman wél. Met de aantekening dat ze meermalen, op raadselachtige wijze  een klapband hadden overleeft.
Fritz Theile, foto links, kende die mazzel niet. Tijdens de Grote Pinksterprijs van Berlijn, gehouden op 4juni 1911 hoorde Fritz, boven het geraas van zijn gangmaakmotor uit, vanuit z’n voorband  die onheilspellende ‘plof’. Fritz Theile werd 27 jaar.  

Bron onder meer ‘Flirt met de Dood’, geschreven en uitgegeven door Stuyfssportverhalen, Sportalbum Der Radwelt jaargangen 1902 tot en met 1914.

2 Responses to “‘Plof’”

  1. Jan Quax (voorheen vrijwilliger op de baan van Alkmaar. We hebben elkaar wel eens gesproken) Says:

    Andre, wat kan jij toch prachtig schrijven en veelal komt de stayershemel ter sprake. Mooi!! Gelukkig is de stayersport veiliger geworden. Hoewel, in de tijd van Klaas Slot hield ik mijn hart wel eens vast. Zoals die achter de rol zwabberde. Ik was altijd bang dat hij de zijkant van de rol zou raken………………….

  2. Bap van Breenen Says:

    Mooi verhaal weer André, kan er ook nog wel bij in dit Corona tijdperk.
    Helden waren het achter en op de motoren en in het Olympisch Stadion
    hebben we vaak ons hart vast moeten houden omdat het daar ook nog
    wel eens mis ging. Toen waren de motoren ook nog niet helemaal veilig.
    In de jaren dat wij nog naar de populaire’s gingen, stonden de heren gang-
    makers elkaar naar het leven en reden de tegenstanders nog net niet de
    tribune’s in. Nee de goede naam van het stayeren ging er toen wel af.


Laat een reactie achter bij Bap van Breenen Reactie annuleren

error: Content is protected !!
%d bloggers liken dit: