Voor eeuwig bewaard

Tourwinnaars, én Vlaamse  klassiekerkoningen. De hele toenmalige Europese wielertop stond aan het vertrek. Lokale kranten kwamen superlatieven tekort. Het was dan ook een primeur. De ronde van het Amsterdamse Vondelpark anno 1923.  Dat uiteindelijk Omer Huysse, een Vlaamse kasseienknuppel én winnaar van Touretappes, won is geschiedenis.
Van deze historische koers is niet veel meer over. Behalve dan dat ene programmablaadje, in bezit van Stuyfssportverhalen.
Het laatste, evenals een  programmablad van de  Olympische wielerwedstrijden tijdens de Spelen van 1928, gekregen van, een vroegere sportmakker én vaste bezoeker van deze blog. Een genereus geschenk dat feitelijk thuis hoort in het Stadsarchief van Amsterdam: met de zekerheid dat het voor de eeuwigheid én in perfecte omstandigheden wordt bewaard.
Samen met een zogenaamde ‘trainingskaart’ uitgegeven in 1961, voor het Olympisch Stadion verkregen van de vroegere  wielerprof Henny Marinus én vier clubbladen van Olympia jaargang 1927 werd dat overgedragen aan archivaris Ron Blom, zie foto,  van het Stadsarchief.
En mochten bezoekers van deze blog ook dergelijke historische sportparafernalia in bezit hebben, wees daar dan héél zuinig op. Hou dat in familiebezit of, als dat niet mogelijk is, schenk het aan een streek- dan wel een gemeentearchief.
En geef dergelijke objecten vooral nóóit, aan een zogenaamd wielermuseumpje. Ondanks de goede bedoelingen van dergelijke initiatiefnemers, zijn wielermuseums gedoemd te mislukken want financieel niet te exploiteren. In het laatste decennia  zijn ze stuk voor stuk failliet gegaan. De geschonken historische objecten belandden vervolgens op Marktplaats of verdwenen in andere duistere kanalen.

Wat kan deze verschrikkelijke mensch niet?

sampsonkopAls een postduif was zijn reputatie vooruit gesneld. De sterkste man ter wereld, met een ‘engagement’ voor Carré,  kwam naar Amsterdam.  Den athleet Sampson dus, zo’n gespierde rukker die voor een verbijsterd publiek kwartjes, dubbeltjes en stuivers tussen duim en wijsvinger brak. Kom dat zien! In obscure theaters, en tingeltangels, belicht door gaslantaarns had de man warm gedraaid. Liet het publiek versteld staan. Waarbij stalen kettingen uiteen  werden getrokken als een elastiek uit een onderbroek.
Of Sampson, een Amerikaan, echt sterk was? Ieder geval wél slim. De kettingsloper wist goed zijn ‘bed op te schudde’. Had een perfect gevoel voor public relation. Een voorbeeld voor hedendaagse reclamemakers. Een week voor zijn  komst, in februari 1897, liet Sam de verslaggever van Den Nieuws van den Dag opdraven voor een exclusief interview. Met droge ogen vertelde hij de journalist dat hij van plan was om in Mokum een steen van honderdvijftig kilo met één vinger op te tillen. En dat niet alleen. Eenmaal lekker op dreef ging Sampson los. Na die steen was ook het complete huisorkest van Carré, veertien man sterk, de klos. sampsonknipamster
Want het orkest, staand op een platform, ging hij in één keer van de grond hijsen. ‘Ja wat kan deze verschrikkelijke mensch niet’, schrijft de scribent hijgend van opwinding. Nou heel veel. Zoals de boel besodemieteren: door Stuyfssportverhalen geconcludeerd. 
Hoe de Amerikaan de Amsterdamse upper clas een financiële poot uitdraaide, was van uitzonderlijke klasse. Via de krant daagde hij namelijk ‘eenigen der voornaamste ingezetenen’ uit tot een weddenschap om tweeduizend gulden.  Vanuit grachtenpanden volgde er een stormloop om geld in te leggen: want het was onmogelijk wat Sampson beloofde. Om een stalen dikke ketting met de bicep van je bovenarm te breken is natuurlijk bovenmenselijk. Voor Sampson niet. Die handige Amerikaanse oplichter gebruikte daarbij een truck die Stuyfssportverhalen als jochie van zijn toentertijd stokoude opa hoorde: waar straks op teruggekomen wordt. 
sampsonpleinEerst even vertellen over Sam, die in café Schiller, plaats delict, zijn zakken ging vullen.  In het afgeladen etablissement op het Rembrandtplein stroopte de sterke man zijn mouw op, deed de ketting om zijn bovenarm, en spande de biceps. De ketting brak.  Wat die rijke sukkels niet wisten, was dat het een geprepareerde ketting betrof. Eén schakel was van zacht lood voorzien. Volgens de Courant stak Sampson innig tevreden de cheque in zijn binnenzak en vroeg daarbij om een cognacje. Alleen al voor dát feit trekt Stuyfssportverhalen Sampson ‘de sterkste man ter wereld’, die onbekende sportheld,  uit de vergetelheid.

Bron: Stadsarchief Amsterdam

Giromania in het Stadsarchief Amsterdam

Bezweet en verwaaid kwam ze binnen stormen. Haar fiets had ze even daarvoor tegen de gevel van het Stadsarchief gekwakt. Dat ze zojuist over een gedeelte van het tijdritparkoers van de Giro d ‘ Italia had gefietst ontging haar. Ze had haast! Tussen de coalitiebesprekingen deed ze snel, maar wel gepassioneerd, de opening van de foto-expositie ‘Giromania’ welke in teken staat van de geschiedenis van het hoofdstedelijke wielrennen.
Na de ontvangst van een bloemetje stormde  wethouder Carolien Gehrels de trappen van het Stadsarchief af, sprong op haar karretje en raasde terug naar de Stopera.
Theo de Groot, beleidsmedewerker van het stadsarchief, kondigde vervolgens  Stuyfssportverhalen
, gevolgd door Steven Rooks, aan voor een lezing. Het publiek  van onder meer topambtenaren, Giromedewerkers maar ook twee oud-wereldkampioenen, Piet van Heusden en Henk Faanhof, hoorde Stuyfssportverhalen een lans breken, maar ook om erkenning vragen, voor  Amsterdams allereerste wielerheld Piet Dickentman.
De laatste heeft door middel van zijn sport héél véél betekent voor zijn stad.
De liefde bleek niet wederzijds te zijn want Dickentman is in het collectieve stadhuisgeheugen totaal weggezakt… Het  minste wat Amsterdam voor één zijner allergrootste  sportheld kan doen is het benoemen van een straat…
Om het Stadsarchief, een monumentaal gebouw van de voormalige Nederlandse Handel-Maatschappij,   te bezoeken geeft een aparte dimensie, want een architectonische schoonheid.  En in de kluizen van de voormalige bank bevindt zich de kleine maar prachtige foto-expositie over het Mokumse wielrennen.
Aan parafernalia is ook gedacht. In vitrines bevinden zich de regenboogshirts en de kampioenstruien van Piet van Heusden, vijftig jaar geleden wereldkampioen achtervolging. De  weduwe van Gerrie Knetemann had de kledingkast ook opengetrokken. Onder het glas lag het ontroerendste stuk van de expositie, een door haar gebreide onderhemd zonder welke Gerrie niet op de fiets stapte.
De expositie, met onder meer de thema´s ´Amsterdam: de fiets als dagelijks vervoersmiddel´  is gratis te bezoeken en duurt tot  16 mei. Openingstijden: dinsdag t/m vrijdag 10.00-17.00 uur. Zaterdag en zondag van 11.00-17.00 uur. Stadsarchief Amsterdam Vijzelstraat 32 Amsterdam.

Als jullie nog niet op mijn boek “Flirt met de Dood’gestemd hebben…tot 21 april is dat mogelijk! http://nicoscheepmakerbeker.nl/index.php?module=boeken&s=lijst#WIELRENNEN