Klotsende kloten

Dan was  er ook nog ene Pjotr Mouchkoff, liefhebber van een gezonde wandeltocht.  Pjotr, een voormalig kapitein van het Tsaristische leger, ontdekte zijn wandeltalent  in november 1917. Toen hij op de vlucht sloeg voor de Bolsjewieken. Pjotrs ren, vanuit Moskou, mocht er zijn, want eindigde uiteindelijk in Parijs. Waar hij onmiddellijk zijn voornaam veranderde in Pierre. Je weet maar nooit, tot waar de klauwen van de revolutie reiken,  moet die wandelrukker gedacht hebben.
Enfin, ergens in augustus 1934 staat Pjotr,  opeens aan de start van Parijs-Straatsburg, een van godvergeten, helse wandeltocht over meer dan vijfhonderd kilometer: in één ruk af te leggen. Voor kerels als Pjotr, ooit rennend om de rode hordes van zijn lijf te houden,  een eitje. Pjotr Mouchkoff 42 jaar, en taai als de rochel van een bejaarde baboesjka, zette na de start, meteen de benen er in. Strak marcherend, met klotsende kloten in de broek, op weg richting Elzas.
De paden op, de lanen in. Op de verzorgingsposten bijgestaan door twee soigneurs. Die Pjotrs spieren los kneden en de man, ongetwijfeld, prepareerde met wat amfetaminetabletten, die ouwerwetse boerenjongensdope, want Stuyfssportverhalen is wél goed, maar niét gek. Want zeg nou zelf, om meer dan vijfhonderd kilometer aan één stuk door te stampen, doe je niet op een banaantje. Dan valt de pikdonkere nacht in. En Pjotr gaat verder. Heuvels over, dwars door de velden, en regen trotserend.  Waarschijnlijk denkend aan de strafkampen van Siberië, waar hij maar mooi aan ontsnapt was.
Pjotrs wedstrijdverslag, lezend in de Miroir des Sports, doet denken aan een luguber sprookje van de broertjes Grimm. Want bij het ochtendgloren doemen, in mistflarden gehuld, spookachtig de kantelen op van Nancy, waar een mensenmassa op de voormalige Rus staan te wachten.
Pjotr, een kwartier  voorsprong op ene Cheminant, een broodmagere lange slungel, gekleed in het zwart, slaat af richting de Vogezen, met zijn beruchte Ballons. Boven op de col de Saales, een pukkel van ruim vijfhonderd meter hoog, ziet Pjotr in de verte de torenspits van de kathedraal van Straatsburg.

Pjotr, als een paard die zijn stal ruikt, passeert de gemeentegrens van Straatsburg. Daar kreeg  de man waarschijnlijk een wegtrekker van de schrik. In een splitseconde kwam een dejavu op van het Moskouse revolutionaire, proletariaat, op jacht naar Tsaargezinden: wat niet zo was.  Van een  immense menigte krijgt de voormalige kapitein een heldenontvangst. Waarbij Pjotr de laatste kilometers,  wordt  begeleidt door het opdringende  grauw: met in de ogen de gloed van sensatiezucht. Pjotr Mouchkoff, winnaar van Parijs-Straatsburg in een tijd 74 uur en 8 minuten.
Kom daar eens om bij  de Nijmeegse Vierdaagse…

Bron: Le Miroir des Sports jaargang 1934..

Steinmetz, een boutendraaier met flinke stamp

De Vierdaagse van Nijmegen! Hysterische taferelen in de finishstraat. Deelnemers  krijgen een onthaal alsof er een lang vermist familielid onverwacht van een oorlogsfront thuiskomt. Stuyfssportverhalen heeft dat nooit begrepen. Atletisch gezien stelt de Nijmeegse Vierdaagse niet veel voor. Een manke Heilsoldaat mét de Strijdkreet draait daar zijn hand niet voor om. Wandelen topsport? Toch wel! Parijs-Straatsburg! Meer dan vijfhonderd kilometer tippelen. In één ruk.

Een ventje van niks. Een kop en een kont. Meer een zak met botten bij elkaar gehouden door spieren en pezen. Als er flinke wind stond, moest hij stenen in zijn zak doen. Amper tweeënvijftig kilo licht. Alfred Steinmetz, 1.60 lang,  oogde alles behalve een atleet. Onderschat nooit iemand. Helemaal Steinmetz niet. Die dreumes kon iets wat een ander niet kan. Wandelen! Niet een blokkie om maar honderden kilometers in marstempo.
De man had een fenomenale pas. Niet moe te krijgen. Net een opwindpoppetje. Draaide het sleuteltje om en het begon te marcheren. Dagen en nachten achter elkaar.  Je moest hem bij wijze van spreke neerknuppelen. Alfred Steinmetz was dan ook dé favoriet in de wandelrace Parijs-Straatsburg, editie 1936. Een monsterlijke tocht, zonder stop, over meer dan vijfhonderd kilometer. Dwars door Frankrijk. Met hitte overdag, ijskoude nachten en voortdurend slaapgebrek op weg naar Lotharingen. Met als uitsmijter beklimmingen over de, door Tourrenners zo gevreesde, Ballons in de Vogezen.
Wat kon dat die Alfred nou schelen. De man werkte als boutendraaier in een metaalfabriek. Beter een steile col dan de treurige wereld van moertjes en bouten.  Na het startschot op een zonnige woensdag op de Place de la Republique, nam de Belg Vanhamme de leiding. Honderd kilometer liep de Vlaming op kop. Steinmetz vond dat meer dan genoeg. Na eerst afgerekend te hebben met Zami, afkomstig uit Martinique gooide Alfred de stamp erin.
Sport is pas fijn als er drama aan te pas komt. Ook bij wandelen. Zoals loper Sarrasin. Nog nagenietend van de heldenontvangst in zijn woonplaats Châlons-sur-Marne (sedert 1998  Châlons-en-Champagne)  wordt die in het pikkedonker, door een motor aangereden. Sarrasin werd in het ziekenhuis wakker. Of neem Marceau, winnaar van editie 1930. Werd gevolgd door een fietsende meid. Een fan. Zat soppend op haar fiets. Raakte zo betoverd van haar idool ze dat heel dicht bij hem wilde peddelen. Reed hem prompt aan. Voor Marceau, zware knieblessure, was Parijs-Straatsburg exit.
Daar had Steinmetz allemaal geen boodschap aan. Die ging stug door. Bij de doorkomst in Nancy, vrijdagmorgen, verklaarde de boutendraaier voor de radiomicrofoon dat hij ging winnen. Le Petit Steinmetz was geen man van de bluf, noch een praatjesmaker.  Meer overtuigd van zijn eigen kunnen. Helemaal gelijk. Na meer dan vierenzeventig uur in een strak tempo gewandeld te hebben, werd Alfred Steinmetz in Straatsburg door een uitzinnige mensenmassa ontvangen.
Alfred Steinmetz, met zijn korte beentjes, liep de 533 kilometer met een gemiddelde van zeven kilometer en 150 meter. Kom daar eens in ‘Nijmegen’ mee aan….

Foto 1: Alfred Steinmetz: ‘stevige stamp’.  Foto 2: Steinmetz in de ‘verzorging’.

Foto 3: Jean Lindner, Zwitser, onbekend fenomeen, won Parijs-Straatburg meerdere malen. Deed dat, volgens hem, op een paar glazen Ovomaltine.

Bron: Le Miroir des Sports jaargang 1936.

error: Content is protected !!