Mooi grafmonument voor Gronings publiekslieveling

Cowboys waren het. Tikkeltje desolate figuren die voor de poen er altijd invlogen. Aardige stayers, maar tweede garnituur. Kerels die de  kleinere wielerbanen afstroopten waar bloederige duels werden uitgevochten. In de hoop door een  grote manager opgemerkt te worden en bereid tot het gaatje te gaan. Dat soort renners  kon in de povincie nog aardig verdienen. Leo Leene was er zo één.
Begonnen als sprinter. Nam deel aan de Spelen van Parijs 1924. Behoorde tot de beteren van het land.  Maar verdiende daar geen reet mee. Zette de zaken op een rijtje en kwam tot één conclusie. Leo Leene werd stayer en kocht van zijn broer een stayersfiets. Leene een maatje te klein voor de Europese wielerbanen, dook het provinciale circuit in. Terwijl op de Duitse wielerbanen met enige regelmaat de stayers van de baan werden geschraapt, gebeurden in het gezapige Holland ook spannende dingen. Zoals op de Groningse wielerbaan aan de Paterwoldschenweg. ‘Leo Leene en Van de Wulp komen’, kopte het Nieuwsblad van het Noorden.  Haagse  Leo, telg uit een roemrijk wielergeslacht, had in het noorden een reputatie te verdedigen. Was publiekslieveling nummer één. Leo, vier koersende broers waaronder een Olympisch kampioen,  gaf waar voor zijn geld. Zocht de uitdaging op, en dat kostte hem zijn leven.
r Zondagmiddag 28 juli 1930. Niet alleen een  prachtige dag maar ook de laatste voor Leo Leene op dit ondermaanse. Gecontracteerd voor een stayerskoers over twee manches met tegenstanders als een Snoek, Van de Wulp en de Duitser Neuman. Tweede manche. Leene gegangmaakt door Jan Slesker, slaat bij ‘tachtig in het uur’ een aanval van Snoek af, trekt daarbij iets te hard aan zijn stuur, begon te slingeren. Leene viel te pletter tegen de baan waarbij zijn valhelm eraf vloog. Het leven hangt van toevalligheden aan elkaar. Had de Haagse stayer zijn valhelm een gaatje strakker getrokken dan had zijn buurt niet uit hoeven te lopen bij zijn begrafenis. Terwijl de grafdelver op de Haagse begraafplaats Nieuw Eik de laatste schep aarde oplepelde, stopte de eerste rouwkoets voor Leenes huis.
Jong en dramatisch sterven staat garant voor een mooie uitvaart. Leo Leene, opgehaald door een lijkkoets getrokken door  paarden, gevolgd door zes koetsen en een tiental auto’s kreeg ook een onvergetelijke. De hele Haagse Newtonstraat stond op de stoep of hing uit het raam. Leene, dertig jaar geworden, kreeg van zijn sportvrienden een grafmonument opgetrokken uit Silezisch marmer voorzien van een bronzen plaat. Op zijn graf beloofden bewonderaars in toespraakjes hem nooit te vergeten. Loos gekletst.  Twintig jaar geleden werd het graf van de volkomen vergeten Leo Leene geruimd.

 

Foto 1: Leene achter Jan Slesker, Foto 2: Leo Leene, Foto 3: De Haagse Newtonstraat was er voor uitgelopen. foto: Haags Gemeentearchief

Bron oa: Nieuwsblad van het Noorden, Sport in Beeld jaargang 1930

error: Content is protected !!