Het kaaspakhuis

Bescheiden, introvert, en verlegen. In de oeroude jaargangen van de Miroir des Sports kom je geen woeste uitspraken van hem tegen. Hooguit wat actiefoto’s. Giuseppe Pancera trippelde als een grijze muis door zijn wielercarrière heen. Giuseppe bijgenaamd ‘De Stille Man’, zat er niet mee. Hoewel hij ongetwijfeld zich wel eens radeloos afgevraagd had waarom hij geen snellere benen had. Zoals in de Tour, editie1929. Giuseppe, dan dertig jaar oud en uitkomend voor de Italiaanse ploeg La Rafale, maakte in Frankrijk zijn debuut als Tourrenner. In de etappes finishte Giuseppe dertien keer bij de eerste tien. De man, taai als een pizza van een week oud, gaf nooit af. In het hooggebergte of op het vlakke, Giuseppe, afkomstig uit Castelnuovo, sloop met de besten mee.
Maar grijze muizen zijn veroordeeld tot een leven in de schaduw van het kaaspakhuis. Jammer voor Giuseppe. Had hij nou maar één etappe gewonnen… Of had hij tijdens een afdaling een bocht gemist, of meer van die fijne, dramatische zaken die in de Tourgeschiedenis lekker beklijven. Maar niks, nada, noppes. Giuseppe koerste gelijkmatig als een Zwitsers uurwerk.
Evengoed kon de taaie Latijn tevreden zijn over zijn Tourdebuut: trouwens over zijn hele carrière. In het Parijs van 1929, vond hij zich zelf in het algemeen klassement terug op de tweede plaats. Te weinig voor eeuwige roem.
Giuseppe Pancera, vier keer aan de start, wond zijn fysieke horloge een jaar later nog een keer op en eindigde in de Tour van 1930 elf keer bij de eerst tien. En vond daarna nooit meer die vorm terug zoals in 1929. En ach wat maakte dat voor hem ook uit. Evengoed had hij zijn plekje in de wielergeschiedenis ingenomen.
Na de Giro d’Italia editie 1933 ging Giuseppe met wielerpensioen. Zijn zuurverdiende lires investeerde hij in een café in zijn geboorteplaats Castelnuove del Garda. Enfin, in ‘Caffé Sport Pancera’ had de kastelein tot aan zijn dood in 1977 stof voor wielerverhalen genoeg.

Bron: Miroir des Sports jaargang 1929.