Twijfelachtige passie

Hoe het hoort? Een hand schudden. Méér niet. Nou vooruit dan, mét een schouderklopje. Hoewel dat laatste al behoorlijk bedenkelijk is. Maar om zo’n jongen nou op zijn mond te zoenen? En dan nog wel door een ouwe kerel….? Laat dat in Godsnaam over aan zo’n lekkere rondemiss. Maar leg dat nou maar eens uit aan een gemiddelde Italiaanse ploegleider. Nadat Ettore Meini, als winnaar over de streep was gevlogen, volgde even later een ‘aanranding’ waar geen ontsnappen aan mogelijk was. De dader? Ploegleider Giradengo! Een ouwe viespeuk, die het verbijsterende, terugdeinzende hoofd van Meini met beiden klauwen omklemde, en afzoende. Sommigen noemen dat Latijnse ‘temparement’, waar je als renner mooi klaar mee bent. Een passie die ook opeens om kan slaan in diepe haat. Italianen, per definitie emotionele borderliners.
Enfin, Ettore Meini, beleefde op die vijfentwintigste juli 1934 zijn grootste en tevens laatste Toursucces. De man won, in een zinderende eindsprint waarin hij alles en iedereen les gaf, de etappe Pau-Bordeaux over tweehonderdvijftien kilometer. Ettore, eenendertig jaar, een sluwe, sprintende zweetdief afkomstig uit Cascina, Toscane, een coureur die wist hoe de hazen rennen. Helemaal tijdens massasprints.
Meini behoorde in zijn eigen Giro d’Italia tot het selectieve groepje sprintende scherpschutters. Vijf gewonnen etappes in vier Giro’s staan garant om de rest van je leven op te teren. Helemaal in zijn thuisdorp Cascina. Daarover straks meer.
Even terug naar la Boucle France. Waarin Ettore zijn debuut maakte. Met winst in de genoemde negentiende etappe. Het was tevens zijn laatste optreden in Frankrijk. Niet veel later hing Ettore zijn Ganna-koersfiets aan de haak.
Ettore Meini, nog geen zestig jaar geworden is inmiddels weggezakt in het moeras der vergetelheid. Maar niet in zijn geboorteplaats. En dát is nou weer zo fijn aan Italiaanse tifosi. Ze mogen dan wel een tikkeltje emotioneel doorgedraaid zijn, maar vergeten hun helden niet. In november 2013, meer dan een halve eeuw na Ettores hemelgang, werd in zijn Cascina een straat naar hem vernoemd.

Bron: Le Miroir des Sports jaargang 1934, en de site van de gemeente Cascina.