Zwemmen in 1908

De stayer laat de rol los. ‘Zwemmen’ wordt dat genoemd, wat een rare uitdrukking is.  Ongetwijfeld schreeuwend  naar z’n  gangmaker het rustiger te doen. Gevaar ligt dan op de loer. Letterlijk.  
Op de tribune  wordt dat ook gesignaleerd. Iemand grijpt  naar zijn strohoed,  van ontsteltenis.  Anderen houden met witte knokkels het wrakke hekwerkje stevig vast, je bent fijnproever van het betere horror of niet.  Want dat er iets gaat gebeuren is zeker. De renner klapt namelijk tegen de rol van de motor, die vrijwel tegen het achterwiel gemonteerd zit.  
En mocht zo’n jongen deze botsing overleven, wat een wonder op zich is, dan moet ‘ie maar hopen dat z’n voorband niet ontploft. Ziekenhuisopnames, gebarsten schedels, invaliditeit en méér, doemen bij hem op.  Aan de dood werd maar niet gedacht. Wat niet getuigde van realiteitszin.  
Trouwens, zo’n gangmaker had ook een merkwaardige opvatting  van veiligheid. Die was zo  gek om ver achter het achterwiel van zijn motor te zitten. Wél raar dat het voorwiel, bij hoge snelheden begon te zweven. Ach jongen, maak je niet zo druk, werd hem wijsgemaakt, we hangen aan het stuur van je motor een groot blok lood om dat in evenwicht te houden.
En dat allemaal tijdens een stayerskoersje, gehouden in die fijne zomer van 1908.
Een periode waar volgens  historici niets gebeurde. Geloof ze maar niet. Geert Mak en zijn collega’s lullen wel vaker uit hun nek.

Geef een reactie

error: Content is protected !!
%d bloggers liken dit: