Ook de Lepe kon niet zonder meesterknecht

maeskusGlorie en roem voor de Tourwinnaar, wiens naam prijkt op de eeuwige ranglijsten. Maar wél dankzij diens helpers. En dan blijkt maar weer eens hoe wreed het wielrennen is. Als dank voor bewezen diensten wacht voor de knechten de grote leegte van het niets, om vervolgens weg te glijden als anonymus in de wielergeschiedenis. Onrechtvaardig. Alleen dáárom trekt Stuyfssportverhalen, uit zijn archief  Cyriel Vanoverberghe voor één keer uit de grauwe anonimiteit.

De gregario’s, waterdragers, en knechten, de kastelozen van het peloton. Werken in het zweet des aanschijns tot zij  van hun karretje lazeren. Geen hondser bestaan dan een professionele wielerknecht. Urenlang met je kop in de wind zitten, gaten dicht rijden, regenjasje halen en de kopman voorzien van zijn natje en droogje. Je moet het maar willen. Doen ze het werk goed dan krijgen ze een natte zoen, van de kopman: het liefst in het zicht van het journaille. De patron laat zich zelf, met gevoel voor publiciteit, door de rondemiss af zoenen. Met dank aan het ondankbare vuile werk van zijn helpers. Bij de laatsten komt geen klacht over de lippen, hopend dat ze financieel wat wijzer worden.  Dapper noemen ze het zelf ‘een dankbare job’. Onzin natuurlijk. Dat is gewoon niet waar. Diep van binnen wil iedere renner voor eigen kansen rijden.
Sylvere Maes won de Tour anno 1936, een gegeven dat beklijft. Dat hij zijn overwinning onder meer te danken had aan een jonge knecht, weet hooguit de familie van de laatste. Cyriel Vanoverberghe, een eerstejaarsprof van net vierentwintig, reed voor Maes zijn nog jonge lijf aan flarden. Aan Cyriel had Lepe Peer, een duistere bijnaam van Maes, twee Tourzeges te danken. Over de rode loper die  Cyriel, afkomstig uit het Vlaamse Bellegem, legde won de Lepe de Tour van 1936. Dat hij die drie jaar later ook nog eens op zijn naam schreef is aardig voor de statistici. Maar in 1936 vond Cyriel Vanoverberghe, na al zijn beulswerk zichzelf in Parijs terug op de zesentwintigste plaats: ruim tweeënhalf uur achter Maes. 
Vanoverberghe maalde daar niet om. Zijn tijd kwam nog wel. Als zijn lijf eenmaal ouder en taaier was, zoals in 1939. Vanoverberghe, een spetterend voorseizoen met een tweede plek in Luik-Bastenaken-Luik, vijfde in Parijs-Roubaix, en vierde in de ronde van Vlaanderen, vertrok vol moraal naar de Franse rondrit. belgploeg
Om die na al zijn hand en spandiensten voor Maes, af te sluiten met een tiende plek. Met het plan om een jaar later definitief in de Franse rondrit  door te breken hield Cyriel de moed er in. Maar zover kwam het niet. Zijn ontluikende wielercarrière werd voor altijd wreed afgebroken. Daar zorgde het uitbreken van de oorlog en zijn oproep voor militaire dienst wel voor. Cyriel Vanoverberghe net drie jaar prof heeft sindsdien nooit meer op een koersfiets de Franse wegen onveilig gemaakt.

      Foto  1: Links Cyriel Vanoverberghe, rechts Sylvere Maes,

Foto 2: Vanoverberghe sleurend op kop.

 

Eén reactie to “Ook de Lepe kon niet zonder meesterknecht”


Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: