Een merkwaardige wederopstanding

blommegendarmDe Ronde van Frankrijk, altijd goed voor sterke verhalen. Het is dé koers waar heldenstatus  in het verschiet ligt, die in het collectieve sportgeheugen weer net zo snel vergeten wordt. Maar niet bij Stuyfssportverhalen, want die diepte uit zijn archief een drieënzestig jaar oud, beduimeld, aan papierzuur onderhevig  Frans sportblaadje op. Met daarin het wedstrijdverslag van de etappe Saint-Gaudens-Perpignan, met de merkwaardige wederopstanding van Maurice Blomme.

De soigneur was een waarlijk groot vakman. Zoveel is wel zeker. Een grootmeester met de injectiespuit. Een tovenaar in de ware zin des woords.  Een magiër die met de inhoud van zijn koffertje een dode  tot leven kon wekken. Zet de feiten maar even op een rijtje. Een dag ervoor lag op zijn massagetafel Maurice Blomme, een modale renner uit West-Vlaanderen. De laatste vertoonde alle kenmerken van een rigor mortis. Blomme had dan ook de meest vreselijke dag uit zijn wielercarrière meegemaakt. Iets dat je je ergste vijand niet toe zal wensen. blommelek
Als niet-klimmer moest d’n Maurice maar zien hoe hij over de Tourmalet en Aspin, cols van buitencategorie, zou geraken. Met als extraatje onderweg vier lekke banden: zelf te repareren. 
Het was de etappe Pau-Saint Gaudens in de Tour van 1950, waarin Blomme meer dan een uur achter winnaar Bartali als allerlaatste en meer dood dan levend over de streep kwam gestumperd. Wat er enkele uren daarna op die schimmige hotelkamers plaats had gevonden blijft voor altijd een raadsel. En dat is maar goed ook! Wielergeheimen zijn net als een goede fles wijn, hoe ouder hoe beter. En dat moet je koesteren. Het zijn namelijk dé ingrediënten die het koersen zó fascinerend maken. Zoals die van de mysterieuze soigneur van Blomme. De man kreeg voldoening van zijn oplapwerk. Keek een dag later goedkeurend toe hij zijn poulain, Maurice Blomme, een stoemper met overwinningen in Zottegem, Aaigen, Staden, Wingene en Koolskamp, kermiskoersen van jewelste, helemaal hersteld was.
blommekopAan  de start voor de etappe Saint-Gaudens-Perpignan over 233 kilometer, stond namelijk een herboren Blomme. Maurice liep over van goesting, had  benen als zonnetjes.
Als een paard na een winter op stal vloog Blomme er na het startschot meteen er in. Laat maar gaan, dacht het peloton massaal en collectief, die rare Vlaming rapen we straks wel op… Ze zouden hem pas terugzien na de finish. Ruim zesenhalve uur koersend in een godsgloeiende, verstikkende  hitte  met een gemiddelde van ruim zesendertig kilometer, greep Blomme zijn enige etappezege in een Tour. Na zijn merkwaardige wederopstanding moest Maurice zeven minuten wachten op nummer twee Jean Baldassari. 
Maurice Blomme, allesbehalve een slechte renner, won tijdens zijn carrière zesenvijftig  koersen waaronder het hoog aangeschreven Grand Prix des Nations, stierf in 1980 op drieënvijftigjarige leeftijd. 

 

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: