Het publiek zat te schudden in hun tuig

Op de trukendoos had hij het patent. Voor een gangmaker altijd mooi meegenomen. Maar Hendrik Hayck mocht dan sluw en doortrapt zijn, hij had ook een groot nadeel: de man was een gratenpakhuis. Renners door hem ‘getrokken’,  kregen het gevoel achter een homp gatenkaas te rijden. Hendrik loste dat probleem uiterst creatief op. Zijn ruime leren jas werd opgevuld met dekens, en soms een olieblik. De man zat nergens mee, want reglementair verboden. Hendriks leerschool was dan ook de rauwe wereld van de Amsterdamse Wielerbaan, waar hij als renner wekelijks zijn koersjes reed. En daar leerde hij Jan van Gent kennen, een aanstormend stayerstalent. Hendrik en Jan, lefgozertjes, beiden Mokumers en  lid van Olympia.
 Van Gent zocht een gangmaker, eentje die in staat was om geel geschilderde mussen te verkopen als zijnde kanaries.   Hendrik Hayck, tweederangs renner, paste naadloos in dat profiel en nam plaats op de zware motor. Het debuut voor het koppel Van Gent/Hayck werd niet snel vergeten. Niemand minder dan Piet van Nek, op het punt van internationale doorbraak, werd uitgedaagd tot een tweestrijd.  Plaats van handeling: de Amsterdamse Wielerbaan.
Op een warme julizondag in 1908 brachten Jan en Hendrik rock-’n-roll op de wielerpiste. Na de eerste manche, gewonnen door Van Gent, volgde er op het middenterrein een woeste  matpartij tussen Van Nek en Van Gent. Maar tijdens de volgende koers zat het publiek pas echt te schudden in hun tuig. In volle race kreeg Hendrik Hayck het aan de stok met de gangmaker van Van Nek. Op de tribunes braken vechtpartijen uit. Volgens de Revue der Sporten kwam de massaal uitgerukte ‘Hermandad’ er aan te pas. Dat was dus in 1908! 
Voor Hendrik en Jan werd het brave Holland iets te klein. In 1909 vertrok het Amsterdamse koppel, voor een serie contracten, naar Duitsland.  Wat voor Hendrik fataal werd. Tijdens het uitrijden, na afloop van de Grote Prijs van Keulen, schakelde Hendrik zijn motor in de bocht iéts te vroeg uit.  Hayck, op een onderuitglijdende  motor, werd vol geraakt door een achteropkomende motor. ‘Deerlijk gewond’, zoals de Revue der Sporten schreef,  werd de Amsterdammer naar het krankenhaus afgevoerd waar hij na een ‘langdurig en smartelijk lijden’ zijn laatste adem uitblies.
Hendrik Hayck, achtentwintig jaar, kreeg waar hij recht op had. Zijn vrienden bezorgden hem op de Oosterbegraafplaats een heldenbegrafenis. Voor zijn arme, hulpbehoevende  weduwe en twee kleine kinderen, ‘trekkend’ van de Armenkas, werd op de wielerbaan een grote collecte gehouden. ‘Bevallige jongedames’ gingen met de collectebus rond en haalde 165. 57 gulden op. Hendrik Hayck, ‘rustend’ op het Ooster, kreeg vijf jaar later gezelschap van Piet van Nek: verongelukt in Leipzig. 

Foto 1: Hendrik Hayck met ‘gevulde jas’. Foto 2: Hayck en Van Gent.

Bron: Revue der Sporten jaargangen 1908 en 1909.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: