Perrier

Laagdrempeligheid dát is het woord. Er is geen sport waar de toeschouwer zo dichtbij zijn held kan komen als in het wielrennen. Mijn kleinzoon Bas heeft het nu nog over Franco Ballerini die ooit, een kwartier voor een Rai-Derny Race, met hem op de foto ging. Sindsdien heeft het wielrennen en Ballerini in het bijzonder, een hartstochtelijke fan erbij. Maar het toegankelijke tot de toprenners is verleden tijd. Want opeens is daar ene Luuk Eisenga.
Eisenga is niet de eerste de beste! Al op vierentwintigjarige leeftijd meldde hij zich in Lausanne bij de UCI om daar te mogen werken.
Als ik dit lees gaan bij mij alle alarmbellen en rode lichten af. Op die leeftijd behoor je achter de meiden aan te zitten en je niet vrijwillig te melden bij zo een fascistische hap als het UCI, want dat is niet alleen heel eng maar ook uiterst verdacht!
Eisenga leuterde dat allemaal in de Wielerrevue, waar hij zijn gladde Nijenrodepraatjes los laat over het product wielrennen. En dat stemt mij bang, héél bang, want als het aan Luuk ligt gaat dat allemaal veranderen.
Professioneel moet het worden. Kreetjes als marketing, coördineren, gimmicks, account, en profile rollen en buitelen over elkaar heen.
Wat ons te wachten staat? Bekijk de huldigingen van de winnaars in de Tour de France maar eens goed. Een strak georganiseerde commerciële poppenkast, wat al begint met dat gesodemieter met die speelgoedleeuw: het symbool van de hoofdsponsor.
Heb je godbetert drie immense bergreuzen als eerste bedwongen, en daardoor de gele trui gepakt, word je geacht als een soort kinderlokker met een lullig pluche poppetje te staan zwaaien, en allemaal om dat dat zo goed in het ‘profile’ past. Maar dat valt nog mee met wat de winnaar van de dagetappe staat te wachten, want die is nog slechter af!
Die is overgeleverd aan de fratsen van drie in rode jurkjes gehulde fietsspaken: de Colagirls.
Deze frisdrank hoort thuis in een Amerikaans honkbalstadion en niet bij de koers. Coca Cola en wielrennen dat is het zelfde als een zwarte steelband op het jaarfeest van de Klu Klux Klan.
Voor de goede orde: wielrennen is traditie, Europese traditie, sterker, Vlaamse! Ik snak terug naar de tijd dat een renner na een etappe een flesje Perrier aangeboden kreeg, dat hij, zonder een keer zijn adamsappel te beroeren, in een teug naar binnen goot, en daarbij niet gehinderd werd door een marketing-accountsman van het kaliber Eisenga.
En wat huldigingen betreft moet die aalgladde Luuk maar eens naar een gemiddelde Belgische kermiskoers gaan, want daar weten ze van wanten. Daar wordt de winnaar, omringd door bepette en boertige supporters, die op de schouders van de renner staan te trommelen, (allé Stijn, goedverdoeme da waa n’ goeie) opgewacht door een lekkere lokale del die Ronde-Miss is. En dan komt een besjerpte man, die burgemeester van het betreffende gat schijnt te zijn, die hem gaat toespreken.
En zo hoort het, want dat zijn de heilige riten van het wielrennen.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: