Onderwaterhockey is woekeren met zuurstof

ingrid-bakkerOnderwaterhockey speelt zich af op de bodem van het zwembad. Door de buitenwereld niet echt serieus genomen maar daarom wel uiterst fanatiek beoefend. En niet van dat lullige gedoe met een zuurstoffles maar gewoon de adem inhouden en op het juiste moment duiken naar de puck: en te lang onder blijven kan link zijn. Het Nederlandse damesteam werd afgelopen zomer wereldkampioen: de Amsterdamse Ingrid Bakker had daar een groot aandeel in.

Van zich zelf wist ze dat ze aardig kon zwemmen. In haar jeugd behoorde ze op de schoolslag tot de betere en op latere leeftijd gekomen wilde ze aan een teamsport gaan doen. Waterpolo viel af, dat vond ze fysiek te zwaar. Die polomeiden zijn bikkelhard en niet vies van gluiperige truckjes, uiteraard onder water, uit het zicht van de scheidsrechter. Ingrid Bakker (31) koos voor het onderwaterhockey dat leek haar veel gebruiksvriendelijker. Een deerlijke vergissing. Na een wedstrijd is Bakker altijd gedecoreerd met de nodige beurse plekken en een enkele keer met een blauw oog. En voor de sceptici die het idee hebben dat onderwaterhockey een zwembadfolklore is: te lang onder blijven is bloedje link. Afgelopen jaar zijn er twee spelers overleden, weliswaar in Zuid-Afrika en Australië, maar toch. Wat is onderwaterhockey eigenlijk? Met de gedrevenheid van een missionaris op zendingstournee vertelt Bakker over de zegeningen van haar sport.
,,Een team bestaat uit tien man waarvan er steeds zes in het water zijn. Er mag onbeperkt gewisseld worden. Gespeeld wordt met een loden puck van anderhalve kilo. Ons gereedschap is een snorkel, zwembril, vinnen, een handschoen voor bescherming en een stick van vijftien centimeter. Aan weerskanten van het bad zijn twee doelbakken waar de puck in moet.’’
Als onderwaterhockeyer kom je ogen te kort. De sport is waarschijnlijk de enige die driedimensionaal is. Spelers liggen op de bodem, naast, boven en achter je, communiceren kan niet: ga daar als speelster maar eens aan staan. ,,Als iemand aan de puck is moet een van ons er bij zijn. Zomaar op de bodem liggen zonder dat een spelmoment is zonde van de lucht. Het spel houden wij gewoon zwemmend in de gaten. Bij spelmomenten duiken wij onder. Meestal blijven wij tien seconden onder, dan even twee seconden lucht happen en dan weer verder. Ja, inderdaad, ik heb een grote longinhoud. Ik kan ruim twee minuten onder water blijven. De wedstrijden duren twee maal vijftien minuten en na afloop zijn we gesloopt.’’
Bakker, van professie epidemiologist verbonden aan het TNO, is vier keer per week te vinden in het Sloterparkbad voor de broodnodige trainingen waar zo’n veertien uur mee gemoed zijn. Competitie speelt ze voor Onderwatersport Vereniging Amsterdam en als een van de beste van het land schittert ze ook in het nationale team. Als regerend Europees kampioen wist Oranje zich te plaatsen voor het wereldkampioenschap gehouden in Nieuw-Zeeland. Onderwaterhockey mag dan wel aardig zijn en zwaar op de koop toe, geen hond komt kijken, want onmogelijk in beeld te krijgen. Toeschouwers kunnen moeilijk het hoofd in water steken. Geen publiek, geen publiciteit dus ook geen geld. De tickets en het verblijf naar Nieuw-Zeeland kosten tweeduizend euro en moest zelf op gehoest worden.
,,Een gedeelte van de reis hebben wij zelf verdiend door kalenders met foto’s van ons erop, te verkopen. Ja, inderdaad, we stonden er in badpak op. Uiteindelijk hebben wij achthonderd euro zelf moeten betalen. Hoe het ging? Geweldig. Hoewel al jaren in training waren wij toch de underdogs. Onze hoogste uitslag op een WK was een zesde plaats. De eerste wedstrijd tegen Turkije gingen we helemaal los en wonnen met 17-0. De finale speelde wij tegen thuisland Nieuw-Zeeland die wij versloegen met2-1.’’
Bakker mag klagen dat haar sport zich in het anonieme afspeelt, in Nieuw-Zeeland was daar, met volle tribunes, anders niets van te merken. Wat daar voor nodig was? Een paar onderwatercamera’s, een stel televisieschermen en emigranten met Hollandse roots.
,,Ja die emigranten,’’ klinkt het mijmerend. ,,Ze waren uitgenodigd door de organisatie en hebben ons hartstochtelijk aangemoedigd. Alleen jammer dat we het niet hoorden. Maar terug kijkend op de video was het heel leuk.’’
Als in Engeland, een Haagse darter met een weke Dik Tromharses, zwetend en hijgend een pijltje in de roos gooit staat het hele land op zijn kop. Dan moet voor wereldkampioenen als Bakker en haar ploeggenoten de rode loper op Schiphol uitliggen.
,,Nee hoor, alleen SBS6 was er en voor de rest was het heel stil. Dat is nogal frustrerend en jammer. Nee, we raken er niet door ontmoedigd. Sommigen van het team zijn in hun stad bij de sportverkiezing van het jaar, uitgeroepen tot sporter van het jaar. Dat geeft wel weer credit. En voor de rest: van de zomer gaan we met een nieuw team naar het Europese kampioenschap. De toekomst van de sport zie ik met vertrouwen tegemoet. Wij zij al voorgedragen als demonstratiesport op de komende Olympische Spelen.’’

geplaatst: Amsterdams Stadsblad

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: