Schrekker jong maar niet de minste

lindsey-schrekkerIn de de hoofdmacht van de Volewijckers krijgt jeugd voorrang. Speelsters vanaf vijftien jaar strijden iedere week op het hoogste handbalniveau. Niet vreemd dat zij met haar achttien jaar een van de ervaren meiden is. Linsey Schrekker is de aankomende ster en beleefde afgelopen oktober haar debuut in het nationale team.

Ze heeft er jaren voor nodig gehad om het stadium te bereiken. Het is gelukt. Als ze nu de handbalarena betreedt begint het proces van Jekyll en Hyde, de knop gaat geestelijk om. In plaats van dat lieve aandoenlijke meisje uit Noord, staat er een  harde, tikkeltje gemene, ‘tricky’ handbalster die gaat spelen op de grens van het gevoegelijke. Dat zijn de noodzakelijke ingrediënten om mee te draaien aan de top van het nationale handbal, want met alleen techniek kom je er niet. Linsey Schrekker (18) afkomstig uit de jeugdopleiding van de Volewijckers heeft dat goed begrepen en heeft er ook geen moeite mee.
Schrekker is de opponent van de piepjonge hoofdmacht van de Volewijckers. Een team met de gemiddelde leeftijd van net twintig jaar: een getal dat omhoog gekrikt wordt door handbaldiva Natasja Burgers. Schrekker is dan wel een van de jongste maar daarom niet de minste. Afgelopen oktober beleefde ze haar première in het Nederlands team. Zelf vond ze dat ze nog te kort kwam, maar dat is tijdelijk.
,,We speelden tegen Duitsland en in mijn team zitten veel meiden die in buitenlandse dienst zijn. Ik stond steeds naar ze te kijken hoe ze het deden. Voor mij was het een groot leerproces. In Oranje speelde ik op de linkeropbouw en dat is niet de plaats wat ik bij Volewijckers in neem. De coach was tevreden en verwacht dat ik nog beter ga worden.’’ Alleen een supporter, lijdend aan een tunnelsyndroom, beweert dat Sporthal Elzenhage, de thuisbasis van de Volewijckers, een zinderende heksenketel is waar bezoekende ploegen met angstzweet binnen komen.  Voor Schrekker was het daarom een cultuurschok toen zij afgelopen november in Roemenië met het Nederlands team een toernooi speelde. En dan niet voor een handjevol liefhebbers wat ze gewoonlijk gewend is, maar een volle bak.
,,Ik was bloednerveus, wat al begon met warmlopen. Al die mensen die naar jou zitten te kijken. Iedere speelster werd apart naar voren geroepen en aan het publiek voorgesteld en bij het afspelen van de volksliederen liepen de kriebels langs mijn rug. Ik zit op krachttraining maar ben in de groei en kom nog spiermassa tekort. De fysieke kracht bij de meiden van Oranje is heel groot ook bij de tegenstanders. Als ze je vast hebben kom je niet meer los.’’
Jonge schoolgaande topsporters hebben over de medewerking van de scholen niet te klagen. Maar niet als je, zoals Schrekker, op de kappersschool zit, want het leren om een permanentje te zetten schijnt waanzinnig moeilijk te zijn en dan kan je geen dag school missen. ,,Ze accepteren niet dat ik in de top speel. Iemand die heel graag kapster wil worden heeft geen behoefte aan sport, is de gangbare mening. Voor Roemenië mocht ik een weekje vrij nemen, maar daar moest ik eerst voor op de knieën. Een paar weken geleden kon ik in Parijs spelen maar kon het wel vergeten want kreeg geen vrij.’’
Wie de jeugd heeft, heeft de toekomst, om er maar een lullig tegeltjeswijsheid tegen aan te gooien. Maar jong is ook dartel, onbevangen, geen ervaring, en dan kan je gemakkelijk op je bek gaan. Wat van toepassing is bij de Volewijckers. Spelend op het hoogste niveau met een team gevuld met piep jonge meiden, sommigen zelf van vijftien jaar, gaat het soms goed maar ook faliekant fout. De eerste helft van de competitie werd maar twee keer gewonnen. En wekelijks een pak ros krijgen dat moet voor dramatische taferelen zorgen in de kleedkamers. ,,Nee’’, onthult ze berustend, ,,Er wordt in de kleedkamer niet gehuild. In plaats daar van heeft iedereen zijn mening. Ik steek die van mij ook niet onder de banken. Het bleek dat het niet meer klikte tussen de meiden en de trainer. Onderling hebben wij besloten dat hij weg moest. Ik vond het heel moeilijk want het is een aardige man, maar als het niet gaat moet je aan het team denken.’’
Wat aan de Volewijckers ontbrak is een leidster, een oudere ervaren speelster, die de lijnen uitzet, en rust brengt. Met de komst van Natasja Burgers is die vacature opgevuld. ,,Burgers heeft jarenlang in het buitenland gespeeld en geeft de nodige rust en routine. Als zij mee speelt wordt het spelletje meteen anders. Laatst viel ze met een blessure uit en prompt waren wij meteen stuurloos.’’
Linsey Schrekker, een meid afkomstig uit Noord, is verknocht aan de Volewijckers maar als ze de kans krijgt is ze weg. Het buitenland lonkt want daar kan je handbaltalent te geld maken. ,,Natuurlijk wil ik naar het buitenland, als het even kan naar handballand Denemarken. Als je verder wil ontwikkelen moet dat wel. Ik heb nog steeds progressie.’’

geplaatst: Amsterdams Stadsblad

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: